Om efficient te typen is een correcte plaatsing van handen en vingers zeer belangrijk. Volgt volgende raadgevingen strikt op en je zal sneller leren.
Plaats je handen in de volgende positie:
(1)	De wijsvingertoppen rusten op de twee toetsen die een kleine markering dragen, centraal op het toetsenbord. Bij de meeste toetsenborden gaat het om de "F" en de "J".
Merk op dat deze markeringen als geheugensteun fungeren. Zo blijven de vingers op de juiste positie. De ervaren gebruiker kan zonder kijken de correcte vingerposities vinden via deze markeringen.
(2)	De toppen van de duim rusten beiden op de spatiebalk.
(3)	De toppen van de andere vingers rusten naast de wijsvinger, op dezelfde lijn.
(4)	Het stuk van de hand het dichtst bij de pols rust op de tafel, buiten het toetsenbord. Zonder deze steun zouden de de armen snel moe worden.
Dit is de basis positie van de handen. Van hieruit bewegen de vingers over het ganse toetsenbord. Ze bereieken alle toetsen op een natuurlijke en snelle manier. Om dit te bereiken gebruikt met een specifieke relatie tussen toets en vinger. Deze relatie wordt je gaandeweg aangeleerd via de basis-lessen.
Als je de relatie tussen een vinger en een toets wil aanleren, streef er dan naar dat telkens wanneer je op een toets drukt enkel de relevante vinger naar deze toets beweegt. En de rest op hun positie blijft.
Nadat de relaties goed ingestudeerd zijn kan de vorige regel wat minder strikt worden genomen zodat er aan snelheid gewerkt kan worden.
Tot slot, leren typen vereist discipline en geduld! Wij vertrouwen op jou, laat ons niet in de steek, ok?
